Het projectgebied situeert zich op de hoek van Ciamberlanidreef met Yzerhand in het hart van de gemeente Beveren en vormt daardoor een strategische ingreep. Door het samenbrengen van verschillende publieke programma’s vergroot de slagkracht van het vernieuwingsproject en wordt een uniform antwoord geboden op de heersende vraag naar betaalbare woningen.
Het binnengebied leed onder parkeerdruk en werd ontsierd door blinde gevels en opslagplaatsen. Met enkele gerichte ingrepen kreeg het gebied een duidelijke structuur en wordt het omgevormd tot een aantrekkelijk groen binnenhof. Door ondergronds een ruime parking van 65 plaatsen te voorzien kan de bovengrondse parking in het binnengebied teruggebracht worden tot parkeerplaatsen voor bezoekers. De nieuwbouw wordt een alzijdig volume dat door een kwalitatieve publieke ruimte begrensd wordt.
Het gebouw bestaat uit een betonnen raster dat sterk aanwezig is in de gevel. De open structuur en gevel maken een vrije invulling van het gelijkvloers mogelijk. De verbinding van het publiek domein met het groene binnengebied – langs en doorheen het gebouw – maximaliseert de binnen-buiten-relatie en de interactie met passanten. Door enkele toegangen in de doorsteek te situeren wordt de bezoeker uitgenodigd om deze nieuwe circulatie-as en het achterliggend domein te ontdekken. Op de bovenliggende verdiepingen bevinden zich 49 woonunits, waarvan 28 sociale huurappartementen en 21 private koopappartementen.
Het concept van de appartementen is gebaseerd op de design-for-all-ontwerpstrategie. Deze strategie houdt rekening met de noden en wensen van iedereen, ongeacht hun beperking. Dankzij structurele flexibiliteit in de planvorming wordt levenslang wonen mogelijk gemaakt. Wanneer een gebruiker minder mobiel wordt, kan de woning met een minimum aan ingrepen aangepast worden.
De balustrades van de terrassen vormen een geïntegreerd kunstproject. Het is de weergave van een plattegrond van de site, uitgewerkt in geperforeerde aluminium platen. Het kunstproject ‘Satellite Building’ is van Jan Kempenaers en Kasper Andreasen en kwam mee tot stand met de steun van de Vlaamse Gemeenschap.